Bijbelverhalen

09.Troost

(Als mijn ziel weigert zich te laten troosten, antwoordt Hij.)

Luister toch, mijn kind. Ben ik niet jouw herder?

Ben Ik niet jouw schepper en Heer?

Waarom dan bedroefd, durf je soms niet verder?

Denk maar aan de dagen van weleer.

Kijk mij nu eens aan. Kijk mij in de ogen.

Zie, Ik ben de sterke die je draagt.

Waarom dan zo bang? ‘k Ben met je bewogen.

Als je maar in alles naar mij vraagt.

Wees toch niet bevreesd, In mij ben je geborgen.

Heus, mijn kind, ik ken je nood en pijn.

En mijn trouwe zorg is er elke morgen.

Eenmaal zal je stralend bij mij zijn.

Kind, Ik heb je lief. ‘k Zeg het duizend keren.

‘k Zeg het in de preek en profetie.

Kom sta op, mijn bruid. ‘k Zal je juichen leren.

‘k Spreek je over hemelpo√ęzie.

Download PDF