‘Zeg, heb je het al gehoord?’ vragen de mensen in Jeruzalem aan elkaar. ‘In BetaniĆ« is een man…’ Het gaat dan over de ezelfokker Lazarus, die dood geweest is en door Jezus werd opgewekt. Sindsdien is het gedaan met de…
NT. 27 – DE HOOGSTE EER VOOR NICODEMUS
‘Vader, goed nieuws! Ik ben benoemd!’ Door een mooie, gebeeldhouwde deur van een sjiek huis in Jeruzalem stapt een knappe, niet al te jongeman binnen. Vol trots houdt hij een stuk perkament omhoog. Zijn benoeming tot de Hoge Raad. Het…
NT. 28 – ALS DE STENEN KONDEN SPREKEN
Op het middelpunt van de aarde, in de stad Jeruzalem, stond de tempel van de Here God. Nu zijn er nog slechts resten van over. Een plein, wat zuilen en een stuk muur. Als die oude stenen eens konden praten…
NT. 06 – JEZUS KRIJGT TWAALF LEERLINGEN (Marcus 1)
‘Ik wil bij Jezus horen.’ Johannes, een slanke jongeman met donkere ogen, keert zich naar zijn vriend Andreas. Hij geeft hem een por tegen zijn schouders en begint te hollen. ‘Kom op, Andreas. Wat sta je daar nou nog?’ Ja,…
NT. 29 – DE CENTURIO GELOOFT IN JEZUS
Slapen overdag lukt meestal niet zo best. Alexander, Romeins Centurio in het achtste legioen, woelt onrustig op zijn bedbank om en om. Hij heeft deze nacht dienst gedaan bij de aanhouding en het verhoor van Jezus van Nazaret. Pas tegen…
NT. 30 – DRIE WOORDJES MAAR
‘Hierheen! Kom maar!’ De heldere stem van Simone weerklinkt tegen de muren van de binnenplaats. ‘Leg de man maar op de mat in de gastenkamer!’ Zelf loopt ze vooruit. Een paar knechten brengen iemand binnen die flauwgevallen is. Er is…
NT. 31 – AL HET GELUK VOOR JORAM
Wat is het toch altijd druk bij de Schone Poort van de Tempel te Jeruzalem. Honderden mannen en vrouwen klimmen dagelijks de trappen op. Ze gaan door de poort om in de Tempel te bidden. Daarom heeft Joram, de verlamde…
NT. 32 – STENEN VOOR BROOD
‘Brood,’ bidt Stefanus zacht, ‘Heer Jezus, we hebben weer brood nodig voor al die hongerige mensen.’ Het is nog warm en droog in Jeruzalem. Binnen enkele weken zal de regentijd aanbreken. Stefanus, de diaken, staat bij de ingang van de…
NT. 33 – OP ZOEK NAAR DE SCHAT
In EthiopiĆ« woonde, ongeveer 35 jaar na Christus, een rijke man, een Opperschatbewaarder van de Kandake, de koningin. Op een dag vond hij een schat, die alle andere schatten overtrof. ‘Klim op mijn rug, snel!’ fluistert een negerjongen. Een…
NT. 34 – DE ONTMOETING
’t Was eigenlijk eerst langs Saulus heengegaan, al dat gedoe met die volgelingen van Jezus. Dat kwam natuurlijk door die moeilijke proefwerken. Sjonge, zeg. Er kwam heel wat voor kijken om godsdienstleraar te worden. Tientallen boekrollen moest je daarbij doorworstelen.…